NTM 101 (gebouwd in 1935)
Info over de locomotief:

Na de Eerste Wereldoorlog (1914 - 1918) had Nederland het economisch zwaar. Vanaf de jaren '20 begon de welvaart toe te nemen en kreeg het spoor steeds meer concurrentie van het opkomende wegverkeer. Na de Eerste Wereldoorlog reden de eerste bussen in Nederland, die fel concurreerden met de trams. Naast bussen waren personenauto's, fietsen en vrachtwagens in opkomst en wonnen ze steeds meer terrein van het spoor. Veel tram- en treinbedrijven zochten oplossingen om de exploitatie goedkoper uit te voeren om zo te kunnen concurreren. Veel stoomlocomotieven werden vervangen door goedkopere benzine-, diesel- of elektrische treinen of trams. Een stoomlocomotief moet uren van tevoren al worden opgestookt voordat de machine kan worden ingezet. Naast kolen en water kost dit ook veel loon voor het personeel. Ook waren voor een stoomloc altijd een machinist en een stoker nodig; op nieuwer materieel is een stoker niet meer nodig en het nieuwe materieel kan zo worden opgestart als ze nodig zijn. Naast nieuwe locomotieven en treinstellen werden voor lokaalspoorlijnen nieuwe motorwagens gebouwd. Het nieuwe materieel is ook goedkoper in onderhoud.

Net als vele trambedrijven was de Nederlandsche Tramweg-Maatschappij (NTM) in de jaren '30 op zoek naar manieren om de dure stoomlocomotieven te vervangen. De NTM was het grootste stoomtrambedrijf in Nederland dat het grootste deel van Friesland en enkele trajecten naar Drenthe, Groningen en Overijssel exploiteerde. De werkplaatschef van de NTM maakte een schets van een diesellocomotief en gaf Kromhout Motorenfabriek de opdracht om de locomotief te bouwen. Kromhout Motorenfabriek bouwde gazamenlijk met Du Croo & Brauns de locomotief voor de NTM. Beide bedrijven hebben jarenlang samen ongeveer honderd (voornamelijk smalspoor) locomotieven gebouwd. Kromhout Motorenfabriek ontving de opdrachten en leverde de motoren, Du Croo & Brauns bouwde de rest van de locomotieven. De locomotief van de NTM kreeg een Kromhout-Gardner type 8-LS 8-cilinder 104 pk-dieselmotor. Dit type motor werd verder niet toegepast in trams of treinen in Nederland. De dieselmotor is aan de voorzijde van de locomotief in de huif geplaatst. Via een hydraulische aandrijving met vier versnellingen wordt een blinde as aangedreven. Deze as drijft de twee aangedreven assen van de 101 aan. De locomotief heeft een maximumsnelheid van 45 km/u en een trekkracht van 1490 kilo. De NTM gaf haar eerste diesellocomotief het nummer 101. De 101 is 6,4 meter lang en heeft een dienstgewicht van 14,6 ton. Het model van de locomotief 101 is deels gestroomlijnd. Gestroomlijnde modellen kwamen begin jaren '30 in Amerika in de mode, nadat de welvaart daar door de New Deal weer toenam. De rage van gestroomlijnde modellen waaide over naar Europa. De Nederlandsche Spoorwegen stelde in 1934 haar eerste gestroomlijnde treinstellen, van het type Mat'34 (waarvan de DE 27 is bewaard), in dienst.

Op 26 augustus 1935 werd de 101 als eerste diesellocomotief aan de Nederlandsche Tramweg-Maatschappij (NTM) in Heerenveen  geleverd. Hoewel de 101 de eerste diesellocomotief van de NTM was, had de NTM al eerder zeven motorwagens in dienst genomen. In 1935 werden de rijtuigen C204 en C205 omgebouwd om achter de splinternieuwe NTM 101 dienst te kunnen doen. De NTM C205 (gebouwd in 1916) behoort zelf tegenwoordig ook tot de collectie van de Museumstoomtram Hoorn - Medemblik (SHM). Drie jaar na de ombouw van de C204 en C205 kregen de C203 en C206 dezelfde ombouw.

Met hoge verwachtingen werd de 101 op 5 juni 1936 door de Nederlandsche Tramweg-Maatschappij in gebruik genomen. De hypermoderne locomotief werd ingezet voor de reizigerstrams tussen Sneek en Heerenveen. Al snel gaf de 101 veel storingen waardoor deze regelmatig in de werkplaats stond. De motor die Kromhout had geleverd, zorgde voor veel problemen. Daarnaast was de 101 niet in staat om de rijtuigen te verwarmen. Om dit op te lossen werd in 1938 een op olie gestookte stoomketel ingebouwd. Vanwege zijn aanhoudende problemen werd de 101 voornamelijk ingezet voor het rijden van goederentrams. De NTM besloot om de slecht presterende 101 na slechts zes dienstjaren te verkopen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog vertrok de 101 in 1942 naar Oostenrijk. De NTM besloot geen verdere diesellocomotieven van hetzelfde type aan te schaffen. De enige diesellocomotieven die de NTM na de 101 in dienst nam, waren vijf locomotieven die na de oorlog van het Engelse leger waren overgenomen. Van deze locomotieven is de WD 70033 / NS 162 bewaard gebleven. Ook is later een andere locomotief van de serie gereconstrueerd als de NS 164.

   

De 101 kwam tijdens de oorlog terecht bij een schroothandelaar in Oostenrijk. De 101 kreeg buffers en het trekwerk voor spoorwegmaterieel zodat hij als rangeerlocomotief op bedrijfterreinen ingezet kon worden. In 1948 bevond de dieselloc zich in Sankt Pölten in Oostenrijk. In 1958 werd de 101 verkocht aan Raiffeisen Lagerhaus Durnkrut, dicht bij Wenen. Bij het graanbedrijf kreeg de loc de naam 'Fanny' en kreeg hij een Steyr-vrachtwagenmotor ingebouwd.

De NTM 101 werd door Stichting Brabant Rail in Oostenrijk weer teruggevonden. In 1990 kochten zij de tramlocomotief en haalde hem weer naar Nederland. Bij aankomst in Nederland had de locomotief geen motor meer. De stichting gaf de locomotief vier jaar later in langdurige bruikleen aan de Museumstoomtram Hoorn - Medemblik. Deze overeenkomst eindigde in 2012 en de NTM 101 werd eigendom van de SHM. De SHM gaf de NTM 101 tussen 2009 en 2014 een volledige restauratie. Bij de Museumstoomtram kraam de 101 een functionele verwarmingsketel in de kleine huif verwerkt, net zoals de locomotief bij de NTM in 1938 kreeg. Tijdens de restauratie kreeg de 101 veel nieuwe onderdelen en moderne elektronica. De NTM 101 kreeg een Perkins 8-cilinder 140 pk-dieselmotor. De mechanische overbrenging werd vervangen door een hydrostatische overbrenging. In de huiven heeft de locomotief moderne elektronische technieken voor de aansturing gekregen. In de cabine is de historisch accurate bediening, zoals de hendels, behouden. Alle moderne technieken van de 101 zijn netjes weggewerkt zodat deze het historische uiterlijk van de locomotief niet aantasten. In juli 2012 reed de diesellocomotief zijn eerste testritjes op het emplacement van Hoorn. Tijdens het Historisch Transport Festival (28 en 29 september 2014) reed de NTM 101 samen met de NTM C205 voor het eerst reguliere ritten. Op 10 oktober 2014 werd de gerestaureerde 101 door de Museumstoomtram officieel in dienst gesteld. Bij de Museumstoomtram wordt de 101 ingezet voor extra reizigerstrams en werktrams.

De NTM 101 heeft vanwege haar cultuurhistorische waarde de hoogste A-status toegekend gekregen binnen het Nationaal Register Mobiel Erfgoed.

 
De NTM 101 tijdens een rangeerbeweging in Hoorn. Bello Festival 2025, 4 juli 2025. © TreinenInNederland.nl
 
De NTM 101 komt met de NTM P1, NCS BC6, RTM AB334, RTM AB370, ZE AB6, NTM K16 en Loc 30 station Twisk binnen rijden vanuit Medemblik. Bello Festival 2025, 6 juli 2025. © TreinenInNederland.nl
 
De NTM 101 rangeert om later deel te nemen aan de locomotievenparade. Bello festival 2024
(inclusief locomotievenparade)
, 5 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
De NTM 101 rangeert langs de HTM 8 en NS 6513. 5 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
NTM 101 uit 1935 deed mee aan de locomotievenparade. 5 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
 
 
 
 
Kraansik 361 rijdt langs de NTM 101. 5 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
NTM 101 staat na de parade opgesteld. 5 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
De NTM 101 naast de VSM 2530. 5 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
Van links naar rechts: Loc 30, loc 26 en NTM 101. 5 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
De NTM 101 staat met een reizigerstrein en achterop de GS 18 op station Medemblik te wachten
om naar Twisk te gaan. 6 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
 
 
 
De cabine van de locomotief. 6 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
 
 
 
De NTM 101 rijdt met een reizigerstram en achterop de GS 18 langs Meelmolen 'De Herder' naar Twisk.
6 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
De NTM 101 met de stam rijtuigen te Medemblik. 6 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
De 101 bij vertrek uit Medemblik. 6 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
De NTM 101 hangt achterop de reizigerstram, getrokken door de HTM 8, ter hoogte van de Markerwaardweg richting Medemblik.
6 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
De NTM 101 met de stam rijtuigen en loc 18 achterop vlak voor station Opperdoes. 6 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
De NTM 101 is met de stam rijtuigen met achterop de 18 aangekomen op de eindbestemming, station Twisk.
6 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
Loc 18 vertrekt met zijn stam rijtuigen en de 101 achterop uit station Opperdoes. De stam passeert Plan U 151 van 2454CREW.
6 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
De vierkante tramlocomotieven 18 en 8 vertrekken met hun stam rijtuigen met achterop de NTM 101 uit Medemblik
terug naar Hoorn. 6 juli 2024. © TreinenInNederland.nl
 
De SHM 101 rangeert langs het perron in Hoorn. Bello Festival (by Night) van de SHM,
21 oktober 2023. © TreinenInNederland.nl
 
 
De SHM 101 rangeert langs de Blokkendoos Jaap en Sik 361. 21 oktober 2023. © TreinenInNederland.nl
 
 
 
 
De SHM 101 rangeert met de goederentram in Hoorn. 21 oktober 2023. © TreinenInNederland.nl
 
 
De SHM 101 rangeert met een goederentram in Hoorn. 27 oktober 2023. © TreinenInNederland.nl
 
Rechts van de SHM 101 staat de stoomloc 23 en de omC's 909 en 910 opgesteld. 27 oktober 2023. © TreinenInNederland.nl
 
 
De WSM 23 en de SHM 101 naast elkaar. 27 oktober 2023. © TreinenInNederland.nl
 
De NTM 101 staat voor de loopbrug van station Hoorn. 24 oktober 2015. © TreinenInNederland.nl
 
De NTM 101 tijdens rangeerbewegingen te Hoorn. 24 oktober 2015. © TreinenInNederland.nl
 
 
Loc 101 in het zonnetje voor station Medemblik. 6 juni 2015. Deze en de onderstaande foto's zijn gemaakt door: © Han Groen.
 
.
 
.